Psychologen studeren niet voor niets vier jaar.

Smartphones kunnen fantastisch zijn. Er is geen beter gevoel dan op zondag eten te laten thuisbezorgen omdat je te schuchter bent om de deur uit te gaan. Je hoeft je ranzige onderbroek niet uit te doen, betaalt gewoon online (terwijl je nog een bierscheet laat) en als je het een beetje goed plant hoef je de bezorger niet eens onder ogen te komen.

Het gevaar van zelfdiagnose-apps

Aan de andere kant zorgen smartphones ook voor de nodige problemen. Mensen worden aangereden omdat ze te druk bezig zijn met wat op hun scherm gebeurt, we kunnen niet met de druk van sociale media omgaan en worden steeds eenzamer omdat we nooit meer de deur uit hoeven. Zogenoemde ‘mentale gezondheid’-apps als Pacifica en Breathing Zone proberen hier op in te springen. Een goed initiatief, maar niet geheel zonder risico.

Voor wie de apps niet kent, hierbij een korte introductie. Pacifica (en soortgelijke apps) belooft jou een beter, meer stressvrij en bovenal gelukkiger leven. Dit doet de app door je mindfulness-technieken, ademhalingsoefeningen en journaal-achtige opdrachten te geven. Tijdens het opstarten geef je aan wat je wilt bereiken – gelukkiger zijn, minder stress, betere nachtrust enzovoorts – en gedurende de dag herinnert de app je aan oefeningen die je nog moet uitvoeren. Klinkt goed, toch?

‘Iedereen bipolair’

Toch schuilt er een gevaar in het gebruik van deze apps, zo zegt een nieuw onderzoek uitgevoerd aan de University of Sydney. De zelfhulp-programma’s houden namelijk geen rekening met externe omstandigheden, en leggen alle verantwoordelijkheid voor je mentale gezondheid neer bij jou als eindgebruiker.

Er ontstaat hierdoor een risico op onnodige diagnoses, ofwel overdiagnoses. In begrijpelijke taal zegt het onderzoek dat de apps gebruikers bepaalde mentale ziektes aanpraten, zoals bipolariteit en depressiviteit. Dit hoeft echter niet per se te kloppen. Hoofdonderzoeker Lisa Parker geeft aan dat de onderzochte programma’s veel te kort door de bocht zijn. Ze kijken vooral naar iemands problemen, en niet naar de context. ‘Veel onderzochte apps bieden rechttoe-rechtaan oplossingen voor complexe problemen’, zo zegt Parker.

Apps geven jou de schuld

‘De apps focussen zich op het verklaren van stressgevoelens door te focussen op de belevingswereld van de gebruiker. Dit terwijl stressgevoelens vaak juist het resultaat zijn van externe omstandigheden, zoals het verliezen van een baan of dierbare, een verstoorde werkbalans of bijvoorbeeld een heftig verleden’, aldus Parker.

De onderliggende oorzaken van mogelijk aanwezige mentale problemen worden niet behandeld, waardoor app-gebruikers al snel het idee krijgen dat er iets mis met ze is. Iedereen voelt zich weleens gestrest of verdrietig, maar dat wil niet direct zeggen dat er iets aan de hand is. Of zoals Parker zegt: ‘De onderzochte apps maken de gebruiker verantwoordelijk voor zijn of haar mentale gezondheid, zonder daarbij naar de omgeving te kijken.’

Met andere woorden: wat de zelfhulp-apps doen is ongeveer hetzelfde als dat een psycholoog je ademhalingstechnieken laat uitoefenen zonder naar je verhaal te luisteren. Ben je vroeger misbruikt? Let goed op je ademhaling. Moeder op jonge leeftijd overleden? Drie seconden inademen, en rustig weer uit. Je hebt onverwerkte trauma’s? Vanuit de buik inademen, dan komt alles goed.

Alhoewel mindfulness-technieken – zoals mediteren – absoluut helpen, vormen ze natuurlijk slechts een deel van de oplossing. Mentale problemen verwerken en beter worden is een hele klus, wat ik jou waarschijnlijk niet hoef uit te leggen.

Wel woorden, geen daden

In totaal hebben Parker en collega’s 61 zelfhulp-apps onderzocht, waarvan Breathing Zone en Pacifica met afstand de populairste zijn. De makers van deze applicaties hebben vaak grote praatjes, maar voegen niet de daad bij het woord. In de disclaimer van de helft van de apps staat namelijk dat er geen rechten ontleend mogen worden aan de effectiviteit van de app. Als je dus hebt betaald voor een abonnementje en geen resultaat ziet, ben je de lul(lin).

Daabovenop claimt nog eens 60 procent van de apps gebaseerd te zijn op wetenschappelijk bewijs, al vergeten ze te refereren naar de precieze onderzoeken. ‘Loze claims’, aldus Parker.

Nog schadelijker is het feit dat veel apps hun gebruikers een schuldgevoel aanpraten. Wanneer je bijvoorbeeld op het punt staat om een meditatiesessie over te slaan vraagt de app of je “wel echt bereid bent om je leven te verbeteren”. Parker: ‘dit soort moraliserend taalgebruik kan zeer schadelijke gevolgen hebben voor mentaal kwetsbare mensen’.

‘Toename van onnodige behandelingen’

Al met al versterken de apps het risico op overdiagnose. Gebruikers worden allerlei diagnoses aangepraat en wijs gemaakt dat het hun probleem is, terwijl er niet naar de omstandigheden wordt gekeken.  ‘Het is een slechte zaak dat milde, of tijdelijke symptomen zo snel gelabeld worden als mentale ziekte’, zo staat in de conclusie.

‘Dit leidt mogelijk tot een toename van onnodige behandelingen, waardoor er minder budget en tijd overblijft voor mensen die daadwerkelijk professionele hulp nodig hebben.’ Parker en haar mede-onderzoekers vinden dat dat psychologen en psychiaters er verstandig aan doen zich eens te verdiepen in dit soort mentale gezondheid-apps, en patiënten te wijzen op het gevaar hiervan.

Waar het op neerkomt is dat je niet blind moet varen op het advies van een app, en altijd logisch moet blijven nadenken. Mocht je het idee hebben dat er meer aan de hand is dan een tijdelijk dipje, of een incidentele huilbui, dan moet je naar de huisarts. Deze persoon praat de hele dag met mensen en een gesprek is daarom niets om je voor te schamen.

Volg Commen op Facebook en Instagram voor meer verhalen over alles dat er in ons hoofd omgaat.

Ook interessant